bevrijd er
poëzie was een kaalslag, als tweedraaiend water, vlak,
handen, met gezichten zonder mond, stil en starend bleek,
dat het kraakt.
dat de melk niet overloopt
en je zit op de bodem van de tas
en je blaast
poëzie was een kaalslag, als tweedraaiend water, vlak,
handen, met gezichten zonder mond, stil en starend bleek,
dat het kraakt.
dat de melk niet overloopt
en je zit op de bodem van de tas
en je blaast